Ze kiezen er toch zelf voor?

Diana is haar 15-jarige dochter Savannah kwijt. Ze is weggelopen uit een gesloten jeugdzorg-instelling en Diana vreest dat haar dochter nu opnieuw door loverboys in de prostitutie is beland.

Verliefd, verkracht en vermist

Je bent jong en onzeker, maar dan is daar opeens de jongen die jou wel ziet staan. Hij is verliefd, zegt ‘ie, maar voor je het weet dwingt hij je tot onvrijwillige seks. Loverboys. Al bijna twintig jaar kennen we het fenomeen en worden jonge meiden slachtoffer.

Talloze onderzoeksrapporten en voorlichtingsfolders werden er geschreven. Maar wat is de samenleving ermee opgeschoten? De rechter plaatst de slachtoffers in gesloten jeugdzorginstellingen, voor hun eigen bescherming. Maar al te vaak gaat het mis. Ondanks het gesloten karakter van de instelling lopen de meisjes weg en komen weer in het loverboy-circuit terecht.

Bijna 18

Batany (17), Giovanni (16) en ‘straatnigger’ Rigel (17) zitten vast in de jeugdinrichting ‘De Hartelborgt. Lukt het ‘het systeem’ om hen anders te laten denken en handelen, zodat ze als volwassenen uit de problemen blijven?

Documentairemaker Ingeborg Jansen volgt enkele jonge gedetineerden vanaf het moment van hun veroordeling tot een half jaar na hun vrijkomst. Dagelijkse routine in de inrichting – eten, luchten, groepstherapie, bezoek – wordt afgewisseld met gesprekken met de jongens in hun cel. Vaak leidt dat tot openhartige, niet zelden onthutsende ontboezemingen.

Over perspectief, over het belang van geld, van vrienden. En van moeders. Want als er iets is waar deze jongens aan hechten dan is het wel familie en dan vooral hun moeder.

Het allerbelangrijkste in hun leven echter is geld, getuige de tatoeage van Rigel. Drie letters verdeeld over drie vingers spellen M O B, Money Over Bitches, of zoals hij het zelf zegt ‘geld gaat voor een meisje’. Wat je misschien bij Albert Heijn verdient, 500, 1000, dat kun je ook in een dag maken, of het dubbele zelfs. Jouw salaris maak ik misschien in één dag. Dat is wel het risico waard.

Als de jongens na maanden vrijkomen, hebben ze nog met toezicht en verplichte therapieën te maken. Nu moeten ze laten zien of ze tegen de verlokkingen van de buitenwereld zijn opgewassen. Of ze een baan vinden en kunnen behouden. Of ze, als ze dadelijk 18 zijn, het leven van het gemakkelijke geld en de criminaliteit achter zich kunnen laten.

Huize Alexandra

30-01-2013  Filmmaker Sarah Harkink (1987) zoekt oude vriendinnen op, die samen met haar op de gesloten meisjesafdeling (sector Alexandra) van de justitiële inrichting Harreveld in Almelo zaten. Ze trekt schokkende conclusies. In Huize Alexandra werden meisjes geplaatst met ernstige gedragsstoornissen. Het ontbrak vaak aan begeleiding en behandeling was er nauwelijks. Inmiddels is de inrichting gesloten.

Voor haar film zoekt Sarah Harkink oude vriendinnen op, die samen met haar op de gesloten meisjesafdeling zaten. Ze trekt schokkende conclusies.

Als Harkink haar dossier leest, komt dit op haar over alsof het over iemand anders gaat. “Blijkbaar was ik een verschrikkelijk kind. Een meisje dat een politieagent had geslagen, drugs gebruikte en steeds van school werd gestuurd. Een meisje dat haar ouders overspannen had gemaakt, dat haar vader met een schaar bedreigde en van wie de broers geen contact meer met haar wilden. Ik kan me er niks meer van herinneren.”

Na haar vrijlating gaat ze studeren aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Voor haar film zoekt ze de drie beste vriendinnen van toen op om te zien hoe het hen vergaat na hun verblijf in Alexandra. Het blijkt beduidend minder goed met hen te gaan dan met Sarah. Karin was uit de instelling ontsnapt en is in België terechtgekomen. De tijd, die zij in de instelling doorbracht, heeft diepe wonden nagelaten. Marcella leefde na Alexandra jaren op straat. Marina werkt in de prostitutie en dreigt haar kind te moeten afstaan aan Jeugdzorg.

Meer en meer raakt Sarah ervan overtuigd dat Alexandra eerder kwaad dan goed heeft gedaan. Ze bezoekt een aantal van haar oud-behandelaars en professor Doreleijers, die onderzoek deed naar het effect dat Alexandra op meisjes heeft. De conclusie: met negentig procent van de meisjes die er zonder wetenschappelijke basis behandeld werden, gaat het niet goed.

Een van de grootste zedenzaken uit de geschiedenis: de zaak Finkensieper.

‘Ze begonnen daar met 8 x 25 milligram Largactil. Tweemaal per week kreeg ze een gesprek met de heer Finkensieper waar seksualiteit de hoofdmoot vormde. Ze moest van haar zelfbevrediging afgeholpen worden. Toen Finkensieper tijdens het gesprek even weg moest, kreeg ze een Zweeds voorlichtingsboekje in haar handen gedrukt, bij zijn terugkomst moest ze zich op de divan bevredigen: dan zou ze er wel van af komen. Finkensieper deed dit ook bij andere meisjes.’

Begin oktober komt de commissie-Samson met haar bevindingen over seksueel misbruik van uit huis geplaatste jongeren. Een van de grootste zedenzaken uit de geschiedenis: de zaak Finkensieper. Psychiater Theo Finkensieper maakte zich in de jaren zeventig en tachtig schuldig aan seksueel misbruik in een jeugdinrichting in Zetten. Al in de jaren zeventig verscheen een zwartboek met klachten. De commissie-Dijkhuis deed toen onderzoek maar de signalen over seksueel misbruik werden toen niet gezien. Theo Finkensieper werd in 1971 jeugdpsychiater bij de Heldringstichtingen in Zetten, toen al bekend als het afvoerputje van de kinderbescherming.

De destijds 15-jarige Eliza Beelt werd in de jaren zeventig geplaatst in Zetten. Eén keer per week moest ze naar Finkensieper. Bij het kennismakingsgesprek stelde hij seksueel getinte vragen en deed inwendig onderzoek. Later mishandelde en vernederde hij haar. De commissie-Dijkhuis onderzocht in 1974 klachten over veelvuldig gebruik van de isoleercel, ‘platspuiten’ en koude douches. In hun eindrapport stond onder andere dat het bij de Heldringstichtingen aan een duidelijk pedagogisch beleid ontbrak. Vreemd genoeg werden signalen van seksueel misbruik uit het zwartboek van 1974 niet opgepikt door de commissie. Jan van der Ploeg, lid van de commissie, zegt daar nu over: ‘Ik vind dat toch een misser van ons’.

Groepsleider Okke werkte vanaf 1982 in Zetten en ontving een brief van een ex-pupil waarin zij vertelt door Finkensieper te zijn misbruikt. Hij twijfelde geen moment aan haar bewering en kaartte de beschuldiging aan bij iemand van het bestuur. Zo kwam de zaak alsnog aan het rollen. Het werd Finkensiepers ondergang. In totaal deden zo’n twintig ex-pupillen aangifte tegen Finkensieper en werd hij veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Hij overleed in 1999 aan een hartaanval. Hoe Finkensieper jarenlang zijn gang kon gaan, is moeilijk te verklaren.

Voor slachtoffers was het moeilijk er over te praten. ‘Het is schaamte, maar ook de angst om meteen bestempeld te worden. Je werd toen in die tijd al niet geloofd, dus waarom nú wel?’ zegt Eliza Beelt. Groepsleiders beschrijven Finkensieper als een charismatisch man met wie je niet in discussie ging. Hij had veel macht en aanzien binnen de instelling. Bovendien waren seksueel misbruik en incest taboe-onderwerpen in de jaren zeventig en tachtig.

Ontvoering uit een gesloten jeugd instelling

Verdachte Marco Berrens (21) besluit zijn minderjarige vriendin te ontvoeren uit een gesloten jeugd-instelling. In de drie maanden die volgen zijn ze voortvluchtig. Marco kijkt terug op een bewogen tijd.

Alle misère kent één lichtpuntje: de ontvoering heeft er wel voor gezorgd dat zijn vriendin nog even samen kon zijn met zijn inmiddels overleden moeder. In hoeverre zal strafrechter Jan Krol deze ontvoering als heldhaftige daad door de vingers zien? Of wordt Marco keihard afgerekend op een strafbaar feit?

Documentaire toont misstanden Jeugdzorg Rotterdam

30-06-2011  Margit Balogh maakte de documentaire ‘Lost Mother’ over moeder Nel die in de clinch ligt met Bureau Jeugdzorg Rotterdam over de zeggenschap over haar kinderen. De film legt bloot hoe Nel verstrikt raakt in het web van bureaucratie van de jeugdzorg en hoe hulpverleners keer op keer feiten in belangrijke rapporten verdraaien. Jeugdzorg wilde niet meewerken aan de documentaire maar reageert vanavond in Uitgesproken EO op de aantijgingen.

Alle negen kinderen van Nel staan onder toezicht van Jeugdzorg of zijn uit huis geplaatst. Drie van haar zoons zitten in de jeugdgevangenis. ‘Wat is dit voor een moeder?’ vraagt Margit zich af aan het begin van de documentaire. De film schetst de wanhoop en het onvermogen van een moeder die niet goed om kan gaan met een situatie als deze en toont de vertrekkende gevolgen van de verdraaiing van Jeugdzorg in belangrijke rapporten.

Bureau Jeugdzorg werkte niet mee aan de documentaire maar algemeen directeur René Meuwissen reageert vanavond in Uitgesproken EO voor het eerst in het openbaar op het beeld dat de documentaire schetst van de organisatie.

Lindy mag niet naar Salida

Particuliere crisisopvang Salida in Haaksbergen zegt een plaats te hebben voor de minderjarige Lindy.

Bureau Jeugdzorg heeft geen plek voor het meisje uit Diepenheim maar wil niet met Salida samenwerken, omdat de provincie zich niet mag bemoeien met de kwaliteit van de instelling. Tot er een plek is zit Lindy in een politiecel. Dat kan wel duren tot na de kerst. De VVD in de Tweede kamer heeft de minister al vragen over de situatie gesteld. Lindy heeft een verslavingsverleden en liep een paar weken geleden weg van het schip De Tukker waar probleemkinderen worden begeleid. Ze is vorige week teruggevonden en zit sindsdien voor haar eigen veiligheid in een politiecel in afwachting van 24-uursopvang.

Niet terug naar Harreveld

Mike Versteeg heeft ADHD. Hij was door Jeugdzorg in Jongerenhuis Harreveld geplaatst in een observatiegroep voor een periode van 3 maanden. In die periode is hij, zo zegt hij, mishandeld door andere jongens. Onlangs had hij weekendverlof en was hij bij zijn moeder. Hij is doodsbang en wil niet terug naar Harreveld. Mike is inmiddels ondergedoken. Zijn moeder wordt nu door de Raad van de Kinderbescherming beschuldigd van het feit dat ze haar kind aan de behandelsituatie ontt