Etiketkinderen

Ben je als kind dromerig, bewegelijk, onhandig, brutaal of gewoon wat slechter in taal en rekenen? Dan loop je grote kans op een etiket. Scholen, psychologen en psychiaters plakken zich een ongeluk.

Ben je als kind ongeconcentreerd, bewegelijk, druk, onhandig, of gewoon wat slechter in taal en rekenen? Dan is de kans groot dat je een etiket krijgt. Zo is er bijvoorbeeld ADHD, ADD, DCD en dyslexie. Psychiatrische aandoeningen die omschreven worden in DSM IV, het diagnostisch handboek voor psychiaters wereldwijd. Er is in Nederland bijna geen schoolklas meer te vinden zonder een kind met een etiket. Hoe komt dit?

30 jaar geleden waren er nauwelijks kinderen met etiketten in de klas. Historica Angela Crott onderzocht hoe opvoedboeken van de afgelopen eeuw het gedrag van jongens in de klas beschrijven in haar proefschrift: ‘Van hoop des vaderlands naar ADHD’er.’ Volgens Crott werd gedrag dat we nu zien als afwijkend, vroeger gezien als normaal jongensgedrag: ‘Nu wordt het gedrag vooral op school gezien als lastig.’

Paul Helders is emeritus hoogleraar kinderfysiotherapie. Hij heeft jarenlang kinderen in zijn spreekkamer gezien van wie de ouders vermoeden dat er psychisch en lichamelijk iets mee is omdat ouders steeds meer het perfecte kind verwachten. Helders: ‘Er is zeker ADHD, er is zeker dyslexie, er is zeker DCD, asperger, you name it. It’s real, het is geen flauwekul. De vraag is of het er in die enorme omvang is.’ Emeritus professor Helders waarschuwt ervoor dat kinderen zich niet allemaal in hetzelfde tempo ontwikkelen en dat kinderen daar niet meer de tijd voor krijgen.

Directeur Herman Godlieb van basisschool ‘de Linde’ in Nieuwe Pekela zit al 38 jaar in het onderwijs. Volgens Godlieb is de overheid de afgelopen jaren meer eisen gaan stellen aan de toets-scores van scholen. Scholen en kinderen staan hierdoor onder druk waardoor meer kinderen gezien worden als probleem. ‘Vandaag de dag ligt er die massieve druk van er moet gepresteerd worden. Dus is er ook de druk vanuit school om dat heel goed te bekijken en extern onderzoek aan te vragen om precies te weten of wij er alles uit halen wat er in zit.’ Uit het extern onderzoek volgt vaak een etiket.

Scholen krijgen veel folders van bureau’s die onderzoeken en therapieën aanbieden. Antoinette Schildkamp, directeur van basisschool ‘het Zeggelt’ in Enschede, wordt overspoeld met brochures: ‘De folders en mailtjes die ik wekelijks binnenkrijg, het is heel erg. Het maakt niet uit welke stoornis of welk probleem een kind heeft, voor ieder probleem is een therapeut te vinden.’

Laura Batstra is psycholoog, en docent en onderzoeker aan de Universiteit van Groningen. Ze waarschuwt in wetenschappelijke publicaties voor de groei van het aantal kinderen met een psychiatrisch label. Ze werkte een aantal jaar in de kinderpsychiatrie, en zag hoe steeds meer kinderen, met wie in haar ogen niet veel mis was, toch een psychiatrisch etiket kregen. Batstra is bezorgd over de effecten van etiketten op kinderen: ‘Dan geef je het kind toch de boodschap: Er hapert iets aan jou, er mankeert iets aan jou.’ Ze vindt dat er te hoge eisen worden gesteld aan kinderen, waar steeds meer kinderen niet aan kunnen voldoen: ‘We leven in een hele veeleisende maatschappij. We vragen op school heel veel van kinderen. Ze moeten planmatig kunnen werken, ze moeten samen kunnen werken op jonge leeftijd, ze moeten hun emoties in bedwang kunnen houden en ze moeten ook nog als het even kan hoog scoren op cito-toetsen.’

Probleemkinderen; het systeem van Jeugdzorg en de toekomst

Micha de Winter legt het helemaal uit. ‘Als je extra hulp nodig had of vragen had, dan moest je zo’n etiket krijgen, want anders kwam je niet in aanmerking voor die ‘rugzakjes’. Dus dat heeft de vraag naar hulp enorm aangejaagd.’

‘Er zijn veel voorbeelden van kinderen die op grond van een signaal, dus niet van een diagnose, allerlei hulpprogramma’s worden ingestuurd: ‘Baat het niet, dan schaadt het niet’, dat is wat men lijkt te denken’.’

De Winter vertelt over een moeder die het niet nodig vond haar kind Ritalin te geven en later ontdekte dat zij in een dossier werd omschreven als een ‘zorgmijdende moeder’. De Poel: ‘We zijn doorgeschoten?’ De Winter: ‘Er zit weinig rem op dit systeem. […] Het is ook een voordehandliggende manier om allerlei problemen op te lossen. Maar de aard van die problemen ligt in de manier waarop wij met de problemen omgaan. Er zijn nu eenmaal drukke kinderen.’

‘Als dat dan op een gegeven moment spaak loopt – dat succesvolle project ‘kind’ – dan zijn er maar weinig andere wegen dan er een stoornis van te maken, of in ieder geval een hulpvraag voor de deskundigen. […] We zoeken de professionals op om onze misère op te lossen.’

Recht op zorg in tijden van crisis

Maandag 19 september, de dag voor Prinsjesdag, staat het Malieveld vol demonstranten tegen de komende bezuinigingen. Zo ook een grote groep gehandicapten en chronisch zieken. Zij menen dat de voorgenomen maatregelen een vorm van ‘stapeling’ is van kortingsmaatregelen en dat een groter beroep doen op mantelzorg geen optie is. Verlies van zelfstandigheid komt hard aan. Toch moet er worden bezuinigd, want de zorgkosten rijzen de pan uit.

Een gesprek over de zorg voor gehandicapten en chronische zieken in bezuinigingstijd. Jacobine Geel ontvangt Heleen Dupuis, lid van de Eerste Kamer en vice-voorzitter van de Vaste Eerste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). “De bezuinigen zijn redelijk. De zorgkosten zijn doorgeschoten en daar moeten we iets aan doen.” Fini de Paauw, voorzitter van het bestuur van de CG, de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland. Hij is boos en protesteert maandag op het Malieveld tegen de bezuinigingen. “Kosten in de zorg worden alleen lager door deelname van gehandicapten en chronisch zieken aan de samenleving.” Jan Hoogland, hoogleraar christelijke filosofie aan de Universiteit van Twente. ‘Christelijke waarden als solidariteit en naastenliefde moeten meer prikkelen tot mantelzorg en inzet voor anderen’. Gespreksprogramma over actuele ontwikkelingen rondom levensbeschouwing en spiritualiteit, geloof en samenleving. Over mensen en de manier waarop zij in het leven staan.

Elk kind een etiket

ADHD, faalangst, psychische problemen. Nooit eerder was de druk op de jeugdzorg zo groot als nu. Wat is er in hemelsnaam aan de hand met onze kinderen?

Micha de Winter, hoogleraar pedagogiek in Utrecht, heeft het antwoord. Het valt best mee met die kinderen. Het zijn de opvoeders die in een kramp zijn geschoten. De jeugdzorg is een probleemindustrie geworden. Kinderen krijgen veel te snel een etiket opgeplakt. Van elk probleem wordt een individuele stoornis gemaakt. Hij schreef er een boek over: “Verbeter de wereld, begin bij de opvoeding”.

De boodschap van De Winter: stop met de etikettering en psychiatrisering van onze kinderen. Laten we weer samen gaan opvoeden.

Fons de Poel ontmoet een pedagoog die een optimistische kruistocht voert in de hoop dat we weer een beetje normaal met elkaar omgaan.

De toekomst van kinderen met een ‘label’

Voor een grote groep kinderen met een stoornis als autisme of ADHD dreigt maatschappelijke uitsluiting. In het slechtste geval kan dat leiden tot een Wajong-uitkering, concludeert hoogleraar opvoedkunde Jo Hermanns. Het moet anders, vindt hij: kinderen met een gedragsstoornis kunnen best in gewone klassen zitten. Verder is VVD-Kamerlid Malik Azmani te gast. Hij legt uit waarom de nieuwe regering af wil van de Wajongregeling en deze groep onder wil brengen in de bijstand: het aantal mensen dat aanspraak maakt op de Wajong-uitkering is fors toegenomen. Dat komt mede vanwege een toestroom van mensen met een label.

Monique Baard is gedragsspecialist van de Stichting Christelijk Speciaal Onderwijs in ’t Gooi. Zij vindt het gevaarlijk dat er een teneur ontstaat in de samenleving dat het labelen van kinderen slecht is. “Hoe eerder een stoornis wordt gesignaleerd, hoe eerder leerkrachten en ouders het kind vaardigheden kunnen aanleren om zichzelf te redden.”

De ADHD-hype

Er zijn grote zorgen over het enorme aantal kinderen dat pillen slikt vanwege ADHD. Hun aantal stijgt nog steeds. Ging het eerst vooral om jongens, inmiddels maken meisjes en volwassenen een inhaalslag. Massa’s drukke kinderen en volwassenen zijn aan de medicatie. Er zijn ook scholen die willen dat drukke kinderen pillen slikken met als dreigement: of medicatie of vertrekken. Ouders en kinderen over de dilemma’s na de diagnose. En artsen over de wetenschappelijke meningsverschillen over ADHD. Is deze onaantoonbare stoornis een rage of is het een antwoord op onze drukke maatschappij die zoveel eisen stelt?